HUIZEN - Met een paar breinaalden en een bol wol mensen dichter bij elkaar brengen. Dat is het idee achter het Brei-mee Project in Huizen. Buurtbewoners met verschillende leeftijden en achtergronden kwamen de afgelopen weken meerdere keren samen om te breien en elkaar beter te leren kennen. Het resultaat: tien babydekentjes.
Voor initiatiefnemer van het Brei-mee Project, Yunus Emre Boz, die zelf pas twee jaar in Nederland woont, draait het project vooral om verbinding. "Terwijl je samen bezig bent, leer je elkaar vanzelf beter kennen," vertelt hij. Boz is ontwerper en promovendus en werkte voor zijn verhuizing naar Nederland in Istanbul, waar hij ook betrokken was bij maatschappelijke projecten. Na zijn verhuizing wilde hij ook hier iets organiseren én zelf meer deel uitmaken van de samenleving.
Mensen samenbrengen
Rond Burendag en de Week tegen Eenzaamheid ontstond, samen met Willemijn Riedijk van Versa Welzijn, het idee om mensen samen te brengen. Boz zag in zijn nieuwe omgeving verschillende groepen naast elkaar leven, onder wie ouderen en mensen die vanuit andere landen naar Nederland zijn gekomen. "Ik dacht: misschien kunnen we iets organiseren waardoor al die verschillende mensen bij elkaar komen", vertelt Boz.
Dat 'iets' werd uiteindelijk een breiproject. Tijdens ongeveer zeven bijeenkomsten kwamen onder meer buurtbewoners, lokale breigroepen en bezoekers van taalcafés samen. "Ervaren breiers hielpen mensen die nog nooit met breinaalden hadden gewerkt."
Boz zelf behoorde ook tot die laatste groep. "Ik kon helemaal niet breien", lacht hij. "Een vrouw die ik via het Taalcafé kende, wilde het me wel leren. Uiteindelijk heb ik zelf ook meegebreid aan het project. Ik wilde niet alleen mensen bij elkaar brengen, maar ook echt begrijpen wat we samen aan het maken waren."
Het fysieke resultaat is daarom maar een van de onderdelen van het project. "Mensen hebben elkaar ontmoet, met elkaar gepraat en samen iets moois gemaakt. De bijeenkomsten zelf waren net zo waardevol als de dekens", aldus Willemijn Riedijk, opbouwwerker bij Versa Welzijn.
'Heel welkom'
Juist doordat iedereen met hetzelfde bezig was, ontstonden volgens Boz gemakkelijk gesprekken en nieuwe contacten. Het project hielp niet alleen andere deelnemers om nieuwe mensen te ontmoeten. Ook voor Boz zelf was het een manier om zijn plek te vinden in een land waar hij nog maar kort woont. "Als je net naar een ander land bent verhuisd, kan het best moeilijk zijn om mensen te leren kennen. De cultuur is anders en alles is nieuw", vertelt hij. "Ik vond het daarom bijzonder hoeveel mensen meteen wilden helpen. Mensen stonden er echt voor open om samen iets voor een ander te doen. Voor mij voelde dat heel welkom."
Het bereiken van mensen met weinig sociale contacten bleek achteraf niet eenvoudig, vertelt Boz. Via onder meer taalcafés, flyers en bestaande lokale contacten probeerde hij mensen voor het project te enthousiasmeren. De boodschap was bewust laagdrempelig: wie wil aansluiten, kan gewoon komen.
Tien dekens voor baby's
Uiteindelijk werden er tien babydekens gebreid. Niet iedere deelnemer hoefde een complete deken te maken. In plaats daarvan werden kleine lapjes van ongeveer 30 bij 30 centimeter gebreid. Van de lapjes werden tien kleurrijke babydekens gemaakt.
Dat was volgens Boz meer dan alleen een praktische keuze. "Het idee was juist dat iedereen een klein stukje zou maken en dat we die stukken daarna samenvoegden tot één geheel", legt hij uit. "Als iedereen thuis zijn eigen deken maakt, blijft het iets individueels. Nu moesten we samenwerken. Ondertussen praat je met elkaar, leer je elkaar kennen. Dan ontstaat er echt verbinding."
De verschillende kleuren van de dekens passen volgens hem bij die gedachte. "We wilden ook laten zien hoe kleurrijk we met elkaar zijn. Al die verschillen kunnen samen juist iets moois vormen. Eigenlijk net als de mensen die hier in Nederland samenleven."
Thuis voelen in Nederland
De dekens kregen uiteindelijk een bestemming via VluchtelingenWerk Huizen. Ze gaan naar baby's van gezinnen die na het ontvluchten van hun land in de regio terecht zijn gekomen. Voor Boz was het belangrijk dat het gezamenlijke werk daarmee ook iets voor een ander kon betekenen.
Zelf ziet hij een belangrijk verschil tussen zijn eigen verhuizing naar Nederland en de situatie van vluchtelingen. Hij koos er zelf voor om naar Nederland te komen en kan terug wanneer hij wil. Voor iemand die noodgedwongen zijn land heeft verlaten, ligt dat heel anders.
"Ik zie hoeveel moeite mensen doen om hier opnieuw te beginnen, de taal te leren en contact te maken", zegt hij. "Dat kan ontzettend moeilijk zijn, zeker wanneer je de taal nog niet spreekt. Met dit project wilden we mensen uit verschillende landen en mensen die hier al wonen bij elkaar brengen. Zodat ze elkaar leren kennen en zich hier meer thuis kunnen voelen."
Samen aan tafel
De tien dekens blijven ondertussen het tastbare resultaat van het project. Volgens zowel Boz als Riedijk lag de belangrijkste opbrengst echter in wat er tijdens het maken gebeurde: mensen die samen aan tafel gingen zitten en elkaar leerden kennen. "Dat was uiteindelijk het idee: mensen meer met elkaar laten praten, meer verbinding creëren en ervoor zorgen dat verschillende mensen makkelijker met elkaar in contact komen", aldus Boz.