We moeten ons eigenlijk met zijn allen verzamelen rond het standbeeld van onze geliefde Jan Pieterszoon. Je moet je dan – zonder geschreeuw natuurlijk – laten horen ‘tegen een eenzijdig verhaal en historisch wissen’. En dan moet het onder andere ook gaan over ‘waarheid, context en respect voor onze voorouders’. ‘Geschiedenis herschrijf je niet, die leer je begrijpen’, staat ook op de digitale poster die ik via Facebook onder ogen krijg. Ik realiseer me dat ik de zojuist geciteerde stukjes tekst op de poster volledig onderschrijf.
Of ik dan ook kom om op de Roode Steen mijn stem te laten horen? Nou nee, want de mooie, zinvolle stukjes tekst slaan absoluut niet op de bedoelingen van de organisatoren. Er wordt gesuggereerd dat wanneer je het standbeeld niet wilt laten staan, je het tegendeel doet van wat er wordt nagestreefd. Ik heb de afgelopen jaren de verschillende geluiden gehoord en betogen gelezen waarin wordt aanbevolen dat, juist vanwege de geschiedenis en de betekenis van de zaken die we nu nog uit vroegere tijden kunnen waarnemen, niet wordt aangedrongen op vernietiging of ontkenning van historische feitelijkheden. Op de Roode Steen dient een oude traditie overeind gehouden te worden. Een traditie die nimmer was gebaseerd op een volledig overzicht van historische daden van machthebbers uit Hoorn. Coen bracht poen en daar was het gewoon om te doen.
Deze week mochten we in de krant ook over het feestelijke samenkomen van de echte zwarte pieten lezen. Medemblik is de plaats waar de verongelijkte pieten met de niet meer geaccepteerde kleur bij elkaar willen komen. Ook hier wordt een pleidooi gehouden om oude tradities in ere te houden. Zowel Coen als Zwarte Piet worden op handen gedragen door een flinke groep mensen die niet schroomt via sociale media te laten weten er niks voor te voelen dat dit van hen wordt afgepakt. Over waarom dit zo belangrijk is, lees je doorgaans heel weinig. Wel is men vaak scheutiger met het benoemen van de dingen die de afpakkers mogen overkomen.
Ik ben geen volledig opgeleide psycholoog, want de stapel doorgewerkte vakliteratuur is nog te dun om honderd procent steekhoudende, deskundige opmerkingen te kunnen maken over ’s mensen gedragingen. Ik zal de mensen achter het behoud van het standbeeld van Coen en van de zwartheid van de pieten niet wegzetten als mensen met een afwijking waarvan ik de naam nog niet weet. Ze lopen rond met het gevoel dat ze iets zijn kwijtgeraakt, doordat mensen die vroeger nauwelijks deel uitmaakten van onze samenleving, maar nu wel, duidelijk maakten dat hun cultuurschat kwetsend overkomt. Waarschijnlijk menen zij dat zij nu worden beticht van discriminatie en racisme, terwijl zij die in combinatie met Piet en Coen vroeger nooit hebben ervaren. Dat wordt hun nu wel voor de voeten geworpen, terwijl ze zelf menen nog altijd precies dezelfde pietencoengevoelens te koesteren.
Ik vermoed ook dat de manier waarop actie is en nog steeds wordt gevoerd om de pietencoengevoelens om zeep te helpen, niet altijd echt bevorderlijk is om dat doel te bereiken. Fanatisme aan de ene kant wakkert ook fanatisme aan de andere kant aan. In de Hoornse politieke wereld is sympathie waar te nemen voor zowel het ene als het andere fanatisme. Ik denk echter dat het merendeel van de huidige fracties niet zit te wachten op voortdurende confrontaties tussen voor- en tegenstanders. ‘We kiezen voor dialoog, geen haat’, staat in kleinere letters op de Coenposter. Laten we één ding duidelijk begrijpen: op de Roode Steen werd en wordt geen dialoog gevoerd. Er werd geschreeuwd en dat gaat op deze manier gewoon weer verder.
Wie er ook komt schreeuwen, er zal altijd een klein groepje toeschouwers zijn dat zich daar kostelijk om vermaakt, telkens weer. Tradities worden gemaakt en misschien gaan we ooit strijden om deze traditie in ere te houden.
Disclaimer: De inhoud van de column is uitsluitend voor rekening van de auteur. Streekomroep West-Friesland is niet ge- of verbonden aan een politieke partij of welke politieke richting dan ook, maar geheel autonoom en onafhankelijk.