Start van hoofdcontent
nl

Column: De beschaving van een emmer sop

18 maart 2026, 13.07 uur
Door Edo van Eekeres · Foto: Streekomroep_West-Friesland

Terwijl het journaal ons dagelijks overspoelt met berichten over oorlog, criminaliteit en andere menselijke tekortkomingen, gebeurt er gelukkig ook iets anders. Iets dat geen sirenes nodig heeft om gehoord te worden. Ik merkte het toen ik – in een vlaag van maatschappelijke nieuwsgierigheid – eens niet naar mijn scherm, maar naar buiten keek. Daar liep iemand met een verfkwast. Het bleek een deelnemer aan NLdoet.

Voor wie het gemist heeft tussen alle geopolitieke spanningen, verkiezingsretoriek en talkshowverontwaardiging door: afgelopen vrijdag en zaterdag was het weer NLdoet, de dagen waarop Nederland besluit het mopperen even te staken en gewoon iets te doen. Met de handen. In de aarde. Met een kwast of een emmer sop.

Zelfs onze koning en koningin doen mee. In navolging van Beatrix verschijnen ze ergens in een tuin vol onkruid. Ze wieden, rijden met kruiwagens en lachen professioneel naar de ‘toevallig’ aanwezige camera’s. Heel spontaan. Heel betrokken. Je hoort de hofauto bijna stationair draaien op de achtergrond, terwijl elders honderden vrijwilligers tot in de kleine uurtjes plafonds witten, rommel opruimen en rollators oppoetsen zonder dat iemand het ziet. Geen staatsieportret zoals van Alex en Max in werkkleding, hooguit slappe koffie en een koekje dat al sinds 1998 in de trommel ligt.

In West-Friesland bijvoorbeeld werd dit jaar op zeker zeventig plekken de handen uit de mouwen gestoken. In Aartswoud kreeg het Rundveemuseum een opknapbeurt zodat de koeien straks weer monter het zomerseizoen in kunnen. Zo’n frisse start gun je bijna ieder mens. In Berkhout plantten deelnemers fruitbomen en zaaiden zij bloemen en kruidenrijk gras voor een vijfhonderd meter lang bijenlint. Vijfhonderd meter is ongeveer de afstand waarop je beseft dat een paraplu toch geen overbodige luxe was. 

In Grootebroek prikten vrijwilligers zwerfafval tijdens een twee kilometer lange wandeling naar de lunch. Vrijwillig twee kilometer lopen — het is bijna sport. En ineens zie je wat er allemaal op straat ligt.

Mijn favoriete voorbeeld blijft Abbekerk. Daar poetsten leerlingen van het Oscar Romero vorig jaar de kroonluchters van ’t Witte Kerkje. En dit met een toewijding die je zelden ziet bij pubers vóór twaalf uur ’s middags. Het koper glimt nog steeds. Misschien is dat wel het mooiste aan NLdoet: het effect blijft hangen. Letterlijk en figuurlijk.

Het verhaal dat jongeren nergens meer voor te porren zijn, kan dus weer even richting oud papier. Geef ze een ladder, poetskatoen, een spons of een kwast en een beetje vertrouwen en ze komen verrassend vrijwillig in beweging. Misschien beter dan wij, die eerst een appgroep oprichten om te overleggen of we wel zin hebben.

In een tijd waarin het nieuws vooral het slechtste van de mens benadrukt, laat NLdoet zien dat er ook een andere werkelijkheid bestaat. Eén van samen koffie drinken na afloop, van rollators die er weer uit zien als nieuw en van kroonluchters die nog een jaar mee mogen doen.

Misschien begint beschaving met iets heel eenvoudigs.

Met een emmer sop.

Of met iemand die zegt: "Kom, we doen het samen wel even."